Eetstoornissen ***
Als eten een obsessie voor jou of iemand in je omgeving is ***
Bron van leven of
bron van angst?
Elk mens is dagelijks met eten bezig. Logisch, eten is immers nodig om in
leven te blijven. We eten ook voor de gezelligheid, om iets te vieren of om
onszelf te troosten. Tegelijkertijd is slank zijn de norm. Er zijn maar
weinig mensen die nooit op dieet zijn. De maatschappelijke druk is enorm.
Voor mensen met een eetstoornis is voedsel een obsessie geworden. Hun leven
wordt beheerst door eten, calorieën en afvallen. ’s Ochtends is het eerste
wat ze denken wat ze die dag wel of niet mogen eten. En aan het einde van de
dag zitten men vaak vol gevoelens van schaamte, schuld en afkeer van
zichzelf, wanneer ze zich niet aan hun voornemen hebben gehouden. Eten
is voor deze mensen een constante bron van angst en spanning.
Anorexia nervosa
Mensen met anorexia nervosa (magerzucht) zijn doodsbang om dik te worden,
ook al zitten ze ruimschoots beneden het gewicht dat voor hun leeftijd en
lengte normaal en gezond is. Al kunnen ze al hun ribben tellen, toch voelen
ze zich abnormaal dik. Als ze in de spiegel kijken zien ze een dik iemand.
Vermageren is voor hen een verslaving geworden. Het geeft hen houvast, een
gevoel van controle en het gevoel ergens heel goed in te zijn. Met een
ijzeren wil onderdrukken ze hun honger. Eten doen ze meestal volgens een
dwangmatig patroon.
Mensen die anorexia hebben, beseffen meestal terdege dat hun omgeving het
extreme lijnen afkeurt en probeert hen aan het eten te krijgen. Daarom
gebruiken ze allerlei uitvluchten en trucs. Ze zeggen dat ze net gegeten
hebben, gooien eten weg, of eten mee om de lieve vrede te bewaren, maar
braken direct daarna alles weer uit. Verder sporten mensen met anorexia vaak
fanatiek. Zo proberen ze het afvallen te versnellen.
Boulimia nervosa
Mensen die aan boulimia nervosa (vraatzucht)
lijden, hebben regelmatig heftige eetbuien. Ze proppen alles in hun mond wat
eetbaar is, zonder iets te proeven, tot alles op is. Tijdens zo’n ‘aanval’
zijn ze elke controle over zichzelf kwijt en eten ze soms uren aan één stuk.
Hierna moeten ze van zichzelf braken of laxeermiddelen of vochtafdrijvende
pillen slikken om niet aan te komen. Ze weten vaak niet dat die pillen
alleen helpen om vocht af te drijven en niet om calorieën kwijt te raken, of
dat laxeermiddelen verslavend zijn. Na een eetbui volgt meestal een tijd van
fanatiek lijnen.
Eetbuien verlopen meestal volgens een vast patroon. De persoon in kwestie
fantaseert eerst over eten, gaat dan inkopen doen, stalt het voedsel op
tafel uit en begint te eten tot alles op is. Voor de buitenwereld blijven
deze eetbuien, uit schaamte, strikt verborgen. Mensen met deze eetstoornis
ontlenen hun zelfwaardering aan de discipline waarmee ze op gewicht blijven
of een eetpatroon kunnen volhouden. Hun voornemen om normaal te eten strandt
echter steeds weer. Na elke eetbui schamen ze zich vreselijk en voelen ze
zich schuldig en zwak.
Mensen met boulimia hebben vaak een normaal gewicht, al kan dit in korte
tijd sterk wisselen. Anders dan bij anorexia is dit probleem meestal niet
aan de buitenkant zichtbaar, al denken mensen met boulimia zelf van wel.
Overeenkomsten en verschillen
tussen Anorexia nervosa en Boulimia
nervosa
Het
verschil tussen mensen die dwangmatig hongeren en mensen met eetbuien lijkt
groot. Maar mensen met deze eetstoornissen hebben veel gemeen.
Ze zijn:
- geobsedeerd door alles wat met eten, gewicht en lichaamsomvang te maken
heeft;
- extreem bang om aan te komen en dik te zijn;
- vervreemd van hun lichaam. Ze willen er controle over hebben en negeren
daarbij signalen van
honger en verzadiging;
- ze zien hun lijf altijd als dikker dan het werkelijk is en hebben er een
afkeer van;
- ze verbergen hun eetprobleem zoveel mogelijk en leiden zo een dubbelleven,
met uitvluchten,
trucs en leugens.
De
scheidslijn tussen beide stoornissen is niet altijd scherp te trekken.
Eénderde van de mensen met anorexia heeft ook eetbuien, die eindigen met
braken of het gebruik van laxeermiddelen.
Binge Eating Disorder (BED)
Een
derde veelvoorkomende eetstoornis is Binge Eating Disorder (BED,
eetbuienstoornis). Net als bij boulimia hebben mensen met BED regelmatig
eetbuien. Alleen proberen ze het voedsel niet kwijt te raken door
laxeermiddelen te gebruiken of te braken. Het gevolg is dat ze erg dik
worden. Daardoor is deze stoornis veel zichtbaarder.
Achtergronden
Eetstoornissen ontstaan meestal door een combinatie van psychische, sociale
en biologische factoren.
Psychische factoren of persoonlijke eigenschappen spelen een grote rol bij
het ontstaan van eetstoornissen. Mensen met anorexia en boulimia hebben vaak
een aantal eigenschappen gemeen. Dat zijn: een negatief zelfbeeld en erg
weinig zelfvertrouwen, het gevoel tekort te schieten, de angst om afgewezen
te worden en een neiging tot perfectionisme. Ook kunnen mensen met een
eetstoornis vaak moeilijk hun emoties uiten.
Bij
mensen met anorexia wordt het extreme afvallen vaak gestimuleerd door het
gevoel ‘ergens goed in te zijn’ en door de complimentjes die ze aanvankelijk
krijgen over hun uiterlijk. Anorexia begint dan ook vaak met normaal lijnen.
Eetstoornissen ontstaan meestal in of na de puberteit, een levensfase met
grote veranderingen. De eetstoornis kan een reactie zijn op die
veranderingen, die als angstig en bedreigend worden ervaren. Andere sociale
factoren die een rol kunnen spelen, zijn schokkende en ingrijpende
gebeurtenissen, zoals fysiek geweld, incest of andere vormen van seksueel
misbruik. Traumatische ervaringen zijn een belangrijke risicofactor voor het
ontstaan van boulimia.
Het
modebeeld van de slanke, succesvolle vrouw en de dwang om te lijnen zijn ook
van invloed op het ontstaan van eetstoornissen. Dat geldt ook voor de hoge
en vaak tegenstrijdige eisen die de huidige maatschappij stelt, vooral aan
vrouwen. Anno 2005 speelt dit een grote rol.
Een biologische factor is erfelijkheid. Er zijn aanwijzingen dat
eetstoornissen in bepaalde families vaker voorkomen. Sommige ziektes,
waaronder suikerziekte en depressie, kunnen eveneens eetproblemen in de hand
werken. Als de eetstoornis eenmaal aanwezig is, houdt de verstoring van het
honger- en verzadigingsgevoel de stoornis in stand.
Een veelvoorkomend gezondheidsprobleem
Uit een landelijk
onderzoek naar de geestelijke gezondheid van Nederlanders blijkt dat
anorexia in Nederland bij 0,5% en boulimia bij 1,5 tot 5% van alle jonge
vrouwen voorkomt. Per jaar hebben meer dan 30.000 vrouwen tussen de 15 en 29
jaar een eetstoornis. Elk jaar komen er ongeveer 1200 nieuwe mensen met
anorexia en 1800 mensen met boulimia bij. Daarvan is één op de 10 tot 20
man. De exacte cijfers liggen waarschijnlijk nog hoger, want eetstoornissen
worden vaak niet onderkend omdat ze zo goed verborgen worden gehouden.
Een eetstoornis raakt veel mensen.
Het is niet iets om je voor te schamen of om te verbergen.
Leven met een eetstoornis
Mensen met een eetstoornis raken in een
sociaal isolement, omdat ze hun probleem voor de buitenwereld verborgen
willen houden. Ze mijden situaties waarin ze met eten geconfronteerd worden,
zoals feestjes. Ook vrienden gaan ze uit de weg, uit angst dat die zich
bemoeien met hun eetgedrag. Bovendien slokt de eetstoornis al hun tijd op.
Gevoelens van depressiviteit en eenzaamheid zijn het gevolg. Ook voelen ze
zich vaak machteloos, onbegrepen en waardeloos.
Eetstoornissen hebben ernstige lichamelijke gevolgen. De hormoonhuishouding
en de stofwisseling raken ontregeld. Bij vrouwen blijft de menstruatie vaak
weg. Er kunnen verstoppingen en andere maag- en darmstoornissen ontstaan.
Het gebrek aan eten, het braken of het gebruik van laxeermiddelen leidt tot
bloedarmoede, duizeligheid, zwakte en moeheid.
Mensen met anorexia hebben het vaak koud, slapen slecht, kunnen zich
moeilijk concentreren en slecht dingen onthouden. Dit komt omdat de
stofwisseling door de ondervoeding op een laag pitje staat. Hun huid wordt
slap, droog en schilferig en kan donsachtig behaard raken. Ook krijgen ze
last van botafbraak, vochtophoping (oedeem) en spierzwakte. Op den duur
kunnen ze voedsel nauwelijks nog verteren, omdat de maag krimpt. Daardoor
kunnen ze steeds minder eten en worden ze snel misselijk.
Bij
boulimia treedt het omgekeerde op. Door de eetbuien rekt de maag uit,
waardoor het steeds langer duurt voordat iemand met eetzucht het gevoel
heeft ‘vol’ te zijn. Het zuur in het braaksel tast het gebit aan. Verder
kunnen de speekselklieren ontsteken, ontstaat heesheid en gaat de mondholte
pijn doen. Zowel braken als het gebruik van laxeermiddelen kan leiden tot
kaliumgebrek en daardoor tot hartritme-, nier- en leverfunctiestoornissen.
In
een aantal gevallen leidt anorexia tot de dood: twintig jaar na het begin
van de aandoening is 15% van de mensen met anorexia door uitputting of
zelfdoding overleden. Ook bij boulimia kan zelfdoding soms de enige uitweg
lijken.
Niet afwachten
Mensen met anorexia ontkennen soms jarenlang voor zichzelf en de omgeving
dat ze een eetprobleem hebben, ook al worden ze lichamelijk steeds zwakker.
Mensen met boulimia vragen uit schaamte niet om hulp. Dat is jammer, want
het is erg moeilijk op eigen kracht een eetstoornis te overwinnen. En er
zijn steeds betere therapieën voor deze aandoeningen. Wacht dus niet met
hulp zoeken! Hoe eerder de eetstoornis wordt onderkend en behandeld, des te
groter is de kans om er vanaf te komen.
Tips voor mensen met eetstoornissen
• Erken dat je een eetprobleem hebt.
• Probeer erover te praten met mensen in je omgeving.
• Besef dat je niet alleen bent en zoek contact met lotgenoten.
• Zoek meer informatie over eetstoornissen, in de bibliotheek, de
boekhandel of via deze
site.
• Houd een eetdagboek bij en schrijf daarin precies op wanneer je
wat gegeten hebt.
Schrijf ook
op welke gedachten en gevoelens je daarbij had. Zo krijgt je meer inzicht in
uw
eetgedrag.
Tips voor de omgeving
• Wanneer je vermoedt dat iemand in uw omgeving een eetstoornis
heeft, probeer dan eerst
een beter beeld
te krijgen van het eetpatroon van die persoon.
• Praat met de persoon in kwestie over wat u is opgevallen, vertel
dat je je zorgen maakt en
bied hulp.
• Dwing nooit om te eten en controleer het eetgedrag niet. Dat
werkt namelijk averechts.
• Ga samen dingen doen die niets met eten te maken hebben. Zo
houdt je contact met
elkaar.
• Besef dat je weinig aan de eetstoornis kunt veranderen, maar
stimuleer het zoeken naar
professionele
hulp.
• Zoek zelf ook steun als het jou teveel wordt.
Therapie kan je echt helpen
Door behandeling overwint 40 tot 60 % van de
mensen de eetstoornis vrijwel geheel. Bij ongeveer éénderde blijft de
eetstoornis bestaan, maar worden de problemen vaak wel kleiner. De
behandeling richt zich allereerst op het aanleren van een gezond eetpatroon.
Mensen met anorexia leren stap voor stap weer normaal te eten en de angst te
hanteren die met eten gepaard gaat. Bij boulimia is de behandeling gericht
op het aanleren van een regelmatig en evenwichtig eetpatroon. Wanneer hierin
verbetering is opgetreden, richt de behandeling zich op de oorzaken van de
eetstoornis. Dan kunnen problemen aan de orde komen zoals het negatieve
zelfbeeld, de verstoorde lichaamsbeleving, het omgaan met spanningen,
verdriet en andere emoties en het leren stellen van realistische eisen.
Medicijnen
Ter
ondersteuning van de behandeling worden soms, met name bij boulimia,
antidepressiva voorgeschreven. Deze medicijnen kunnen het aantal eetbuien
helpen verminderen en depressieve gevoelens tegengaan.
Informatie en
hulp
Ga als u zich zorgen maakt over uw eetpatroon bij de huisarts langs. Deze
zal u zo nodig verwijzen naar een instelling voor geestelijke
gezondheidszorg (ggz, zoals de Riagg), een vrijgevestigde psycholoog,
psychotherapeut of psychiater. Vraag naar een hulpverlener die
gespecialiseerd is in de behandeling van eetstoornissen.
Veel ggz-instellingen organiseren therapiegroepen voor mensen met
eetstoornissen. In diverse steden zijn er bovendien zelfhulpgroepen.
Deelname aan zo’n groep biedt herkenning en erkenning, steun, begeleiding en
informatie om van de stoornis af te komen. Er bestaan ook groepen voor
partners en familieleden. Voor adressen of informatie of advies: Stichting
Anorexia en Boulimia Nervosa, tel. 0900-821 24 33 (€ 0,20 p/min.),
www.sabn.nl.
Bij een ernstige eetstoornis kan opname noodzakelijk zijn. Er zijn in het
land acht speciale behandelcentra voor mensen met eetstoornissen. De
behandelend hulpverlener kan een opname regelen, maar u kunt ook
rechtstreeks contact opnemen.
Familieleden en partners van mensen met een eetstoornis kunnen eveneens
terecht bij Labyrint-In Perspectief. Dit is een landelijke
zelfhulporganisatie van en voor familieleden van mensen met een
psychiatrische aandoening. Tel. 030-254 66 74 (lotgenotenlijn).
Meer
lezen;
• Eetstoornissen, over anorexia en boulimia nervosa.
W. Vandereycken, 1996, in de serie
Spreekuur Thuis. Inmerc, Wormer, € 6,78.
ISBN 90-6611-263-8 (verkrijgbaar bij het NFGV)
• De geheime taal van eetstoornissen.
P. Claude-Pierre, 1999. De Boekerij, Amsterdam, € 16,50. ISBN
90-2252-322-5.
• Ik eet als niemand het weet. Over Boulimia nervosa en wat je er
aan kan doen.
J. Spaans, 1999. Boom, Amsterdam, € 12,96. ISBN 90-5352-458-4.
• Slank, slanker, slankst. Over Anorexia nervosa en wat je er aan
kan doen.
J. Spaans, 1998. Boom, Amsterdam, € 13,75. ISBN 90-5352-341-3.
• Anorexia nervosa overwinnen.
J. Vanderlinden, 2000. Lannoo, Tielt, € 14,95. ISBN
90-2093-980-7.
LINKEN:
www.eetstoornis.info
www.eetstoornissen.pagina.nl
www.eetstoornis.org
Terug |